Peter Boeve betreurt einde betaald voetbal in Apeldoorn

Opmerkzaam volger en trotse vader

Peter Boeve blijft een opmerkzaam volger van wat er op de velden gebeurt. Behalve de Eredivisieduels die hij namens De Telegraaf bezoekt, woont de oud-Ajacied ook met zekere regelmaat wedstrijden bij in het amateurvoetbal. Vooral de optredens van csv Apeldoorn, waar zijn zoon Maarten in het eerste elftal speelt, bekijkt Boeve met meer dan gemiddelde aandacht. “Ik ben een liefhebber, maar bekijk wedstrijden altijd als trainer. Bij csv kijk ik ook als vader. En als vader ben ik enorm trots op Maarten.”
Veelvuldig zit Peter Boeve bij de wedstrijden van de Apeldoornse zaterdaghoofdklasser op de tribune. Boeve-senior stelt tevreden vast dat junior zich prima thuisvoelt in het Orderbos. “Csv is een prima club. Maarten heeft het er fantastisch naar z’n zin. Dat is het belangrijkste.” Boeve laat zijn voetballende zoon lekker z’n eigen gang gaan, pusht hem niet. “We praten er wel over, maar ik ben geen kritische vader. Ik benader het positief.  Z’n drive heeft Maarten van mij. Fysiek is hij wat sterker dan ik was. Hij is eigenlijk alleen wat te lang op Uddel-niveau blijven spelen.”
Als ingezetene van de gemeente Apeldoorn betreurt Boeve het abrupte einde van het betaalde voetbal ter plaatse. In de jaren waarin AGOVV een proflicentie bezat ging de Uddelnaar weleens buurten op sportpark Berg en Bos, bijkletsen met oude bekenden als Ted van Leeuwen, Stanley Menzo of John van den Brom. “Ik vind het erg jammer voor Apeldoorn dat AGOVV weg is. Ik heb er als klein jochie al gestaan toen AGOVV met 0-5 van Feyenoord verloor. Ging ik bij m’n broer achterop de fiets.”
Z’n voormalige ploegmakker Tscheu La Ling, die begin 2012 kortstondig aan de Laan van Spitsbergen neerstreek, had de Apeldoornse BVO wellicht uit het moeras kunnen trekken. Wat clubeigenaar Ling bij het Slowaakse AS Trencin op poten zette, had hij ook in Apeldoorn kunnen bewerkstelligen, zo oordeelt Boeve. “Trencin staat bovenaan in Slowakije.” Het had trouwens weinig gescheeld of Peter Boeve was zelf aan de slag gegaan bij de Slowaakse topclub. “Ik ben in Trencin geweest, heb wat werkzaamheden verricht. Tscheu heeft me gevraagd of ik er technisch manager wilde worden. Om privéredenen heb ik dat niet gedaan.”
Een functie in de voetballerij ambieert Boeve evenwel nog altijd. Het lijkt hem een uitdaging het technische beleid uit te stippelen bij een ambitieuze club. Bij een Hoofd- of Topklasser waar hij zijn ei kwijt kan en de gelegenheid krijgt zijn ideeën over te brengen, wil de oud-international best aan de slag. Ze mogen hem altijd bellen. “Ik zie mijzelf wel weer op het veld staan. Ik vind voetballen gewoon hartstikke leuk, het betrokken zijn bij zo’n groep jongens. Ik vind het leuk om wat op te bouwen.”

Reacties