COLUMN TUSSEN BERG EN BOS: Voorpaginanieuws

Het is elk jaar hetzelfde liedje. Al die ophef over dat Eurovisie Songfestival. Waar mensen zich al niet druk om maken. Vorig jaar liep iedereen weg met een vrouw met een baard, ditmaal struikelde de hele goegemeente over de jurk van Trijntje. En ook dat de Nederlandse deelneemster er niet in slaagde zich te kwalificeren voor de finale werd natuurlijk breed uitgemeten in allerlei denkbare media. Poeh, ik verbaas me bijna dat er geen traumateam in het leven wordt geroepen om het Nederlandse volk over deze ramp van enorme omvang heen te helpen. Onbegrijpelijk gewoon. Zoveel drukte om niks. Alsof er geen zinniger zaken te melden vallen dan een ontspoord Trijntje. Als zo’n Eurovisie Songfestival nou gaat over de kwaliteit van de songs, toch datgene waarvoor het festival ooit bedacht is, dan zou het nog tot daar aan toe zijn. Maar niets van dat alles. Alles draait tegenwoordig om uiterlijk vertoon. De oppervlakkigheid komt steeds meer aan de oppervlakte. De inhoud is niet belangrijk meer, de verpakking des te meer.

Met ‘nieuws’ in de krant is het van hetzelfde laken een pak. Ik vond het al heel wat dat ons lokale dagblad vrijdagochtend zomaar een plekje op de voorpagina had ingeruimd voor het ‘Wonder van de Winkewijert’. Hoe de voetballers van Columbia een kansloze 6-0 nederlaag ongedaan maakten door de Denekampse fusieclub SDC ’12 in het tweede onderlinge confrontatie met 8-0 weg te poetsen, was in één woord magistraal. Zinderend. Miraculeus. Een thriller. Goed beschouwd valt het zelfs helemaal niet in woorden te vatten wat zich daar donderdagavond op het voetbalveld aan de Winkewijertlaan afspeelde. Zoiets maak je niet elke dag mee, zeker in Apeldoorn niet.

Als wandelend voetbalarchief kan ik me de afgelopen 30 jaar maar twee gebeurtenissen voor de geest halen met een even spraakmakend gehalte. Ten eerste de legendarische beslissingswedstrijd tussen AGOVV en Epe in 1988. Om de titel in de tweede klasse. Voor liefst 8.000 toeschouwers op een volgepakt Robur-terrein aan de Anklaarseweg. Voorafgaand aan die kraker kwam de krant zelfs met een aparte bijlage. Dat waren nog eens tijden. Ongelooflijk, zoals die wedstrijd leefde. Daarnaast was er natuurlijk de bizarre nacompetitie van 2011 met Apeldoornse Boys, Alexandria en WWNA. De onvergetelijke eigengoal van Alexandria’s Danny Wesselink tegen WWNA. Een ‘bewussie’. Om Apeldoornse Boys een loer te draaien. Al die ophef die dat teweeg bracht. Fantastisch. Zóveel leven in de brouwerij. Zóveel reuring. Met aansluitend de ‘finale’ op Malkenschoten tussen de Boys en de buren van Nagelpoel. Waarbij op aandrang van de grensrechter, lid van WWNA, twee Boys-goals werden afgekeurd, en meneer Van Wervens clubgenoten uit Wenum-Wiesel op basis van hun betere doelsaldo promoveerden naar de vierde klasse. Ook zoiets maken we nooit meer mee.

Ik was donderdagavond live getuige van het wonder. Wát een belevenis! Gaandeweg de wedstrijd kreeg ik steeds meer het gevoel dat er iets bijzonders stond te gebeuren. Columbia-trainer Marcel Sileon had me vooraf al wel strijdlustig verkondigd dat zijn ploeg er vanaf het eerste fluitsignaal op zou klappen. Maar ja, dat het dan zó uitpakt, dat hou je zelfs in je stoutste dromen niet voor mogelijk. Het had een ongekende vermakelijkheidsfactor. De opwinding nam almaar toe. Hoe langer de gelijkmakende, zesde goal op zich liet wachten des te groter de spanning werd. Die twee gewisselde Columbiaspelers die buiten het zicht van hun trainer een sigaretje opstaken achter de tribune om eventjes stoom af te blazen. Het kon allemaal. Met als knallende apotheose die ontlading toen de schade en schande van vier dagen eerder daadwerkelijk was weggewerkt. Die blijdschap. Die spontane uitbarsting van vreugde. Machtig mooi om mee te maken.

‘Vroeger’ gold het als een vanzelfsprekendheid dat we alles over zo’n spektakelstuk een dag later uitgebreid konden teruglezen in de krant. Toen de Apeldoornse Courant nog écht een Apeldoornse krant was. Ouderen onder ons kunnen het zich vast en zeker nog wel herinneren. Die tijden behoren helaas al lang en breed tot het verleden. De voltooid verleden tijd. Tegenwoordig tellen lokale en regionale sport in het algemeen en voetballen in het bijzonder nauwelijks meer mee. Al die kostenbesparende maatregelen komt de kwaliteit van de berichtgeving helaas niet ten goede. En dan druk ik het heel netjes uit.

Niemand hoeft mij te vertellen dat de voetbalsport in Apeldoorn weinig voorstelt, dat het niveau van de het overgrote deel van ‘onze’ clubs vaak niet om over naar huis te schrijven is. Wonen wij niet in een dorp waar nota bene het gemeentebestuur zonder blikken of blozen het betaalde voetbal kapot heeft laten gaan? Voetballen is niet cultureel genoeg, ik ben me er van bewust. Aan Orpheus, Gigant en die versplinterde wielerbaan van Omnisport moeten we vanzelfsprekend een veel groter maatschappelijk belang toedichten. Nee hoor, het kost mij absoluut geen moeite om een en ander vanuit het juiste perspectief te bekijken. Als voetballiefhebber weet ik precies hoe de vlag er bij hangt in ons dorp. Het zal altijd wel een ondergeschoven kindje blijven. Jammer, maar helaas.

Toch veranderen al deze diskwalificaties er niets aan dat ik als Apeldoorner wel graag Apeldoorns sport- en voetbalnieuws in de krant wil lezen. En die enkele keer dat er dan iets uitzonderlijks gebeurt zoals donderdagavond aan de Winkewijertlaan, mag dat best prominent vermeld worden. Zo kwam Steven Berghuis er onlangs ook al uiterst bekaaid vanaf. Dat Berghuis van bondscoach Guus Hiddink een plekje kreeg in de voorlopige Oranje-selectie vond ik na goed zoeken pas terug op pagina 45. Als de uitverkiezing van een uit Apeldoorn afkomstige voetballer voor het Nederlands elftal al geen voorpaginanieuws meer is, wat dan wel? Een bericht over hoe de hoofdredactrice van Libelle er niet voor terugdeinst om flink te fotoshoppen bij de afbeeldingen in haar vrouwenblad, geniet tegenwoordig de voorkeur. Dat heeft blijkbaar een grotere nieuwswaarde. Enorm interessant. Wereldschokkend. Nieuws vanuit jouw wereld, noemen ze dat.

Maar goed, wat zal ik me druk maken. Ik kan er niets aan veranderen. Ik kan ook maar beter gaan treuren om Trijntje. Het klopt, ik ben het er roerend mee eens, het is te treurig voor woorden.

RK

Reacties