Johan Voogd begeleidt Jip Vastenburg op de lange weg naar eeuwige roem

Door Rob Kruitbosch

Wie in een tijd van 31 minuten en 35,48 seconden tickets kan veiligstellen voor Tallinn, Beijing én Rio de Janeiro, moet wel bijzonder rap zijn. Jip Vastenburg realiseerde het kunststukje op 3 mei jongstleden in het Amerikaanse Stanford. In één race kwalificeerde de 21-jarige Apeldoornse atlete zich voor zowel de Europese kampioenschappen onder 23 jaar, het WK àls de Olympische Spelen. Zondermeer een prestatie van formaat. Al verbaast haar trotse coach Johan Voogd zich niet meer zo gauw over het paradepaardje uit zijn loopstal: “Er zit nog véél meer in.”

Een zonnige maandagmiddag. Ruim een uur voor aanvang van de training van de leden van zijn Team Sotra/PerformanceRunners. Plaats van handeling: de atletiekbaan van AV ’34 in het Orderbos. In deze vertrouwde omgeving stoomt de 64-jarige inwoner van Eerbeek al drie decennia lang talentvolle lopers op met name de middenlange – en lange afstanden klaar voor het grote werk. De ‘talentsmid’ uit Eerbeek liet er al vele groeibriljantjes tot volle schittering komen. De bekendsten: de huidige Studio Sport-verslaggever Léon Haan, Gert-Jan Liefers, Dennis Licht, Abdi Nageeye en Vastenburg .

Alvorens hij van wal steekt, doet de gepassioneerde atletiekcoach een vriendelijk doch dringend verzoek er vooral ‘geen zielig verhaal’ van te maken. Het bedrijven van topatletiek in Nederland is dan weliswaar alles behalve een vetpot, geestelijke rijkdom en sportieve successen compenseren veel. “Ik ben zo langzamerhand een beetje allergisch voor Calimero-gedrag. Wij zijn niet zielig. Met de vaststelling dat een voetballer tienduizend euro in de week verdient en een atleet geen drol, kan ik niks. Ik heb 44 keer een atleet naar grote toernooien gebracht. Wat zal ik dan zeuren?”

Hij moet roeien met de riemen die hij heeft. Voogd is het niet anders gewend. “De afgelopen jaren heb ik geleerd om alleen maar de dingen te doen die ik moet doen. Het is natuurlijk hartstikke lekker dat je naar Zuid-Afrika of Amerika mag, maar het is nergens zo mooi trainen als hier in Apeldoorn. Het weer is het enige dat je niet in de hand hebt. En het zou iets hoger moeten liggen. Maar verder hebben we hier alles wat we nodig hebben”, blijft Voogd genieten van elke training. Ondanks alle beperkingen het optimale uit zijn atleten te halen, schept na al die jaren nog altijd grote voldoening. Zijn lopers en loopsters te zien groeien, als mens en als sporter, houdt hem in beweging. Steeds weer stapjes zetten.

Afremmen wanneer dat moet. Gezamenlijk toewerken naar piekmomenten. Voogds inmiddels al zeven jaar durende sportieve ‘voogdij’ over Vastenburg geldt als mooi voorbeeld van zo’n stappenplan. “De rol van trainer verandert constant. Eerst was ik een leraar die alles moest vertellen, nu meer degene die het proces bewaakt. Jip denkt nu ook zelf veel meer mee, ze heeft haar eigen ideeën. Meestal ben ik het daar mee eens, soms stellen we weleens wat bij. Eén van haar grote krachten dat ze voortdurend leert. Evalueren, plannen, dingen opnieuw doen. We doen geen training zonder dat zij weet wat we doen. Dít is wel één van de aspecten waarom ze zo goed is en waarom ze steeds beter wordt. Buiten het fysieke komen er nog zoveel andere zaken bij kijken.”

“Je hebt altijd te maken met de mens achter de atleet. Een mens moet in balans zijn. Je hebt als trainer best een grote invloed. Het is jouw taak er sturing aan te geven. Maar het is niet zo dat ik een atleet kan maken. Dat doen ze helemaal zelf. Natuurlijk zit er verschil tussen het werken met mannen en vrouwen. De manier waarop je met elkaar omgaat, is anders. Vrouwen hebben vaker een bevestiging nodig. Neem Gert-Jan Liefers en Jip. Alle twee ereldtoppers. Bij Jip zie je dat ze op een heleboel andere vlakken ook goed is. Gert-Jan was regelmatig onzeker, dat bracht soms behoorlijk veel onrust met zich mee. Jip heeft dat niet.”

De succesvolle afsluiting van de recente trainingsstage in het Amerikaanse Flagstaff vormde voor Voogd eens te meer een bevestiging dat Vastenburg op de goede weg is. Onverstoorbaar blijft zijn pupil grenzen verleggen. “In principe kwam de tijd die ze liep voor mij niet als verrassing. Wel is Jip vrij lang geblesseerd geweest. De weg er naartoe was er eentje met horten en stoten. Ze moet het wel doen. Voor die race had ik het idee dat ze een tijd van 31,45 kon halen. Dat ze daar dan nog tien seconden onder gaat, geeft wel aan hoeveel talent ze heeft. En als je dan bedenkt dat we hebben gekozen voor een rustige opbouw, dan weet een goed verstaander dat er nóg méér inzit. Het is hoe dan ook wel weer een hobbel die we hebben genomen. Alle wedstrijden die ze vanaf nu gaat lopen, kan ze veel meer als wedstrijd zien. Dat is veel vrijer lopen.”

In de aanloop naar de Olympische Spelen van 2016 in Rio de Janeiro kan Vastenburg komende zomer andermaal nuttige toernooiervaring opdoen. Op het EK onder 23 jaar in Estland (9-12 juli) en de mondiale titelstrijd in de Chinese hoofdstad (22-30 augustus) kan de nummer vier van de 10.000 meter bij het laatste EK de in Zürich opgedane lessen in successen omzetten. Voogds verwachtingen zijn hoog. “In Tallinn moet ze in elk geval goud winnen op de tien kilometer en een medaille op de vijf kilometer. In Beijing hoop ik op een top 8-klassering. Naar een WK ga je met een instelling om zo hoog mogelijk te eindigen, niet voor een snelle tijd. De verwachting is dat smog en de hoge temperaturen daar een rol gaan spelen. Wil je een medaille op het WK, moet je sowieso een tijd lopen rond de 31 minuten. De wereldtop loopt zelfs 30-laag. Daar moeten we naartoe, dat is ons doel.”

Op den duur willen Vastenburg en haar begeleider naar eeuwige roem zelfs nóg een stapje verder. Voogd: “Toen Jip als veertienjarige bij mij kwam, zei ze al: ik wil de Olympische marathon lopen. Als jong meisje stond ze op tafel te dansen bij het zien van de Olympische Spelen. In 2020 wil ze knallen! In 2017 wil ze voor het eerst meedoen aan een marathon. Uiteindelijk wil ze harder dan Paula Radcliffe. Zij heeft de snelste tijd die een vrouw ooit op de marathon gelopen heeft, twee uur en zeventien minuten. Een mannentijd!”

Reacties