Snellere afschot met vangkooien is de nieuwste column van Henny A.J. Kreeft

Foto: ©Canva/MAximaal Sales

Eerder had ik al een artikel over het feit dat steeds meer dieren worden afgeschoten. Toen werd het voorbeeld aangehaald van 200 Konikpaarden die zogenaamd te veel zouden zijn. Gezien ze in een bepaald gebied zijn gelopen – geheel zelfstandig, zoals de rechter dat aangaf – mogen ze naar de slacht. 

In hetzelfde stuk werd aangegeven over de status van de dieren op de Veluwe. Daar schijnen dus ook veel te veel dieren te zijn. Zo bleek uit ‘wilde wiskundige berekeningen’ er van de 10.000 wilde zwijnen er nog maar 1.350 over te mogen blijven. En zo was er ook met de edelherten en de damherten wat aan de hand.

Maar ondertussen is een wild ecoloog en zwijnen kenner geïnterviewd door De Stentor. En deze brave man maakt het verhaal nog maar erger. Hij kwam met het idee om het gebruik van vangkooien toe te staan. Dan kan het afschot sneller en in grotere aantallen. Meneer weet dan ook te melden dat de populatie te hard groeit en de doelen worden niet gehaald.

Het artikel in De Stentor zegt dat er zo’n 10.000 wilde zwijnen leven op de Veluwe. Ja, dat hadden we ook al aangegeven. Teven dat het doel is om in maart op 1.350 te zitten. Ook dat wisten we al. Hoe ‘onmenselijk’ om zo iets te melden, overigens. Het aantal zou veel te veel zijn om ongelukken te voorkomen, maar vooral om (landbouw)schade te voorkomen. Schade aan wat? En wat is daar aan te doen? Alleen maar afschieten? Daar geloof ik geen moer van. Maar dan komt de echte ellende pas. Het schijnt zo dat jagers al twintig jaar zogenaamd te weinig zwijnen afschieten en zodoende hun – let op: HUN – doelstand niet te halen. En om het nogmaals uit te leggen, geeft de wild ecoloog aan dat de huidige jachtmethodes niet effectief genoeg te zijn. Want – en let nu echt even op – een jager schiet gemiddeld een jager één of twee zwijnen per avond.

Hulde dus voor die jagers. En laat ik het maar eerlijk zeggen: één of twee zwijnen per avond afschieten zijn er nog twee te veel.  En daarna komt er nog zo’n licht in het artikel aan het woord, iemand van Wageningen University. Laat ik maar meteen eerlijk vertellen, ik heb bij de Gezondheidsdienst voor Dieren gewerkt. Daar kon ik onderzoek doen naar de ziekten bij de dieren en hoe dat ze dood waren gegaan. Ik kan me nog de pieken in onderzoek tijdens de varkenspest herinneren of al die kweken van het Aujeszky virus. En in die tijd kwam ik ook regelmatig bij het CDI en heb er ook nog gewerkt. Dit werd later een paar keer van naam veranderd en fuseerde. CDI, ID-DLO, ID-Lelystad, Animal Sciences Group, CVI en tenslotte WUR.

En dan zegt zo’n ‘onderzoeker van de WUR, dat het aantal veel hoger kan worden door het gebruik van vangkooien. Op die manier waren er er wel 20 tot 30 zwijnen per nacht. Deze onderzoeker deed het voor onderzoek en oormerken. Maar de laatste woorden zijn, dat hij het zich goed kan voorstellen om de vangkooien te gebruiken om wilde zwijnen dood te schieten.

Zijn er dan helemaal geen onderzoekers meer, die nog een greintje gevoel voor de dieren hebben? Alles wat ik lees, is doodschieten, naar de slacht, minder aantal dieren. Wat een dieren ellende.